woensdag 28 juli 2010

Onderweg

(zondag 25 juli:)
Wat zou het soms heerlijk zijn om met 1 vingerknip van de ene locatie naar de andere gevoerd te kunnen worden zonder de uren ertussen bewust te hoeven meemaken. Ik weet wel dat er aanhangers zijn van spreuken als "It's not the destination, but the journey that counts", en ja, zo zie je uiteraard verschillende landschappen het busraampje passeren, maar er zijn zo van die elementen waar ik toch wel enig bezwaar tegen aanteken.

Eerst en vooral: het reisgezelschap. In een shuttlebusje (dat in Guatemala vaak de enige optie is) zitten 10 á 13 medereizigers die niet zelf gekozen kunnen worden. Met wat pech kom je terecht in gesprekken die steevast allerlei reiservaringen betreffen. Vooral jongere reizigers lijken er geweldig op gebrand om te kunnen vertellen waar ze al overal geweest zijn, hoe "amazing" het allemaal wel was en wat hun volgende reisplannen zijn. Hoogst boeiend allemaal. Elke keer weer.

Op de busrit van Huehue naar Antigua had ik het "genoegen" naast zo'n exemplaar te zitten: Marina, Russische maar geëmigreerd naar de States. Niet piepjong weliswaar, maar van hetzelfde kaliber als zonet beschreven. Het mens zweeg geen moment en na een minuut of 5 besefte ik dat het wel eens een héél lange rit zou gaan worden.
"When I lived in Bordeaux for 3 months... It was a heavenly day in Hoi An .... Italy, oh my god!...blablabla....And Amsterdam, I could live there, I nearly did....blablabla....New York is really the capital of the world...Argentina, that's so western....blablabla....Om my 7000dollar flight to Londen....blablabla...."
Na een tijdje stelde ik geen vragen meer in de hoop dat zij dat ook niet meer zou doen en zou stilvallen, maar helaas...
"What about your next trip?"
"We're planning on going to England", antwoord ik naar waarheid.
"Oh, that's so boring!"
"So are you, trut!"
Dat laatste zeg ik niet luidop.

Na een paar uur komt er achteraan een plaats vrij naast Bart en kan ik - thank god! - ontsnappen.

Tweede element dat het reisenthousiasme enigszins kan temperen is het vervoermiddel an sich: de aftandse minibusjes die ingezet worden om de reizigers van de ene stad naar de andere te brengen.
- De rit duurt gegarandeerd veel langer dan beloofd wordt.
- Met wat pech vertrekken ze ook 1,5 uur later dan voorzien.
- Plots zijn er vier profielloze banden die gewisseld moeten worden kort nadat iedereen nét is ingestapt
- enz...

Voor de rit van Coban naar Flores moeten alle mogelijke plaatsen bezet worden en dus belanden Bart en ik (we moeten als laatste instappen) op de onvolwaardige zitjes die naast de tweede en derde rij neergeklapt moeten worden. De rugleuning is veel te laag met als gevolg dat de rand constant pijnlijk tegen mijn ruggengraat aandrukt. Vijf uur onderweg op deze manier. Zonder airco. In een tropisch klimaat dat het gevoel geeft in een alomtegenwoordige heteluchtoven te zijn beland.

Bart heeft mij gisteren al lachend een luxetrut genoemd. Hij zei dat ik niet meer aangepast ben aan "avontuurlijk reizen".
Als "avontuurlijk reizen" gelijk staat aan gebrek aan comfort, gebrek aan (correcte) informatie, aan (vertrek)uren die niet gesprecteerd worden, aan gebrek aan controle over de reissisituatie....ja, dan geef ik onbeschaamd toe dat ik wel een beetje een luxetrut ben en mij dus geregeld druk kan maken in dat "avontuurlijk reizen".
Niet dat een cruise op de Nijl de volgende stap is, maar een autovakantie in een Europees land lijkt me plots toch behoorlijk aantrekkelijk!

Een luxetrut waardig ben ik op dit moment heel gelukkig met onze aankomst in Flores waar we prompt beslist hebben enkele dagen te blijven.
De kamer in Casa Amelia heeft zicht op het meer Peten Itzá, heeft een douche die gelukkig eens niet op electriciteit werkt (geeft dus niet die akelige schok als je de kraan opendraait) én er is airco!

Om het "lazy sunday-concept" in eer te houden wordt er vandaag enkel wat gelezen, gezwommen, gegeten, genoten van de hevige tropische onweersstorm en van andere dingen die vooral geen energie vergen.
¡A divertirnos!

(De busritten mogen dan onaangenaam zijn, ze brengen je wel naar magnifieke plaatsen als het park en de grotten van Semuc Champey - de grotten die je met een kaars in de hand al zwemmend en klauterend bezoekt -, naar Coban, waar we een aangenaam Zwitsers duo ontmoetten tijdens een bezoek aan een koffieplantage en met wie we een fijne avond doorbrachten in een stemmig restaurant - het bleek geen koppel te zijn, maar 'klasgenoten' uit de Spaanse les -, naar Flores, een toeristisch, maar lekker ontspannend "eilandje" van waaruit Tikal kan bezocht worden enz...Laat ik dus niet de indruk wekken dat het meer kommer en kwel is dan wat anders, maar vervelende dingen zijn gewoon leuker om over te schrijven en op die manier van je af te schrijven :-)

maandag 26 juli 2010

Sonrie, cristo te ama (Glimlach, Christus houdt immers van je)

(dinsdag, 20 juli:)
De voorbije dagen hadden serieus beter gekund, daar moet ik heel eerlijk over zijn. Voornaamste reden is dat mijn verkoudheid zich jammerlijk wist te ontwikkelen tot een heus griepachtig ziek-zijn: hoofdpijn, kriebelkeel, hoofd vol snot, koude rillingen, spierpijn, ...de hele zooi dus. Veel keuze is er dan niet behalve opsluiting in het hotelkamertje en stomweg uitzieken. Bart - solidair als hij is - had op hetzelfde moment te kampen met maagproblemen, werd lijkbleek op de busrit van Panajachel naar Huehuetenango en hield dus samen met mij het bed in Huehue. Veel is er waarschijnlijk niet nodig om te begrijpen dat we in deze hoedanigheid niet bepaald het meest florissante en dynamische reiskoppel waren in Guatemala of waar dan ook.

Onze tamme dagen speelden zich dus af in Huehuetenango (kortweg Huehue), een geweldig oninteressant stadje met smalle, afgebrokkelde voetpaden waar het verkeer rakelings langsscheert, met niet 1 vermeldenswaardige bezienswaardigheid in het stadscentrum en geen enkel gezellig terrasje of auto/uitlaatloos plekje om even rustig te zitten (gelukkig was er tv op het 12€ kamertje en was er tijd en gelegenheid om films te zien als "The Jane Austin book club", "Mary Shelley's Frankenstein", 1 of andere "Toy Story" en "Terminator 3". Ja, kijk, een zieke mag zich al eens te goed doen aan gemakkleijk vertier).

Waarom dan toch daar naartoe gaan?
Wel, 4 km buiten Huehue zijn er de Mam-ruïnes van Zaculeu. Die hebben we gehaald! Toen was de beschikbare dagenergie echter al uitgeput. Stomme griepachtige symtomen... Het geplande namiddaguitstapje naar Aguacatan zat er niet meer in.
Iets grootser waren onze plannen voor de dag nadien: een vroege bus naar Todos Santos en vandaar ongeveer 5 uur wandelen in wat blijkbaar een majestueuze bergachtige omgeving is naar San Juan Atitán.
"The mountain scenery is magnificent, ranging from wild, exposed craggy outcrops to lush, tranquil river valleys", zegt The rough guide.
Klinkt goed! Doen we!

Dus nemen we 's morgens rond 8u een pendelbus naar de chaotische busterminal van Huehue... en ontdekken we dat de eerstvolgende bus naar Todos Santos om 10u vertrekt... Die 10u wordt uiteindelijk 10u40... Op ongeveer 1,5u zouden we in Todos Santos moeten zijn, verzekeren ze ons. Ja, dat zal wel...
Net als Peruanen zijn ook Guatamalteken geweldig goed in het schatten van afstand of tijdsduur. Elke keer weer blijkt dat de opgegeven tijd of afstand verdubbeld moet worden om met de realiteit overeen te komen.
Ook deze keer is dat niet anders: om 13u15 bereiken we het bergstadje. De wandeling naar het andere dorpje kunnen we wel vergeten, maar hey...de omgeving van Todos Santos is heel mooi, we kunnen hier best ook gewoon wat rondwandelen en de laatste bus terug naar Huehue nemen.
"¿A qué hora sale el último bus para Huehue?", vragen we het bushulpje als we uitstappen.
"A las dos", is het onherroepelijke antwoord.
Geweldig! Iets meer dan een half uurtje om de rustgevende sfeer op te snuiven van het geïsoleerde bergdorpje (een ware verademing na het drukke Huehue) waar de mannen in dezelfde streepjesbroek en hemd met bloemetjeskraag (traditionele kledij heet dat dan) rondhangen.
Dit is wreed...
Nog even overwegen we om toch daar te blijven en er gewoon te overnachten, maar onze kamer in Huehue is al betaald en ik heb geen lenzenvloeistof* of andere noodzakelijke spullen bij.
Er zit dus niets anders op dan gewoon weer de bus op te stappen...opnieuw richting Huehue... Grrrrr.....

Onderweg begint het ook nog een keer venijnig hard te regenen. Nice...
Maar na een tijdje brengt de vrolijke bachatamuziek op de aftandse bus mij in een gunstiger stemming.
En vooraan in de bus lees ik plots de sticker: "Sonrie, cristo te ama".
Ha, kijk, ik lach. Zowaar alweer een wonder geschied...


* wat zal ik blij zijn met de laser-oogcorrectie op 24 augustus!
Gedaan met de lenzenpotjes en -producten! Weg met de bril!
Scherp zicht te allen tijde!

zaterdag 17 juli 2010

´Eco-chic´ en 4 mannen met machetes

Vanuit Antigua besluiten we naar Santa Cruz La Laguna te gaan, aan Lago de Atitlan.
Evengoed zijn we voor de rit ernaartoe overgeleverd aan hetzelfde soort mini-busje met alweer de volledig geblindeerde ruiten.
Tien minuten voor vertek van dit busje reserveren we onze plaats hierop. Zo´n mini-busje mag dan niet het meest comfortabele transportmiddel zijn, het haalt je tenminste wel op voor de deur van je posada, hostal of hotel. Drie kwartier later dan de normale vertrektijd worden we opgepikt en het enige wat mij bij het opstappen in het busje interesseert is ´I have to be in control of a window´.
Als ik me niet in de mogelijkheid bevind om aan een raampje te zitten dat open en dicht geschoven kan worden, word ik lichtjes claustrofobisch. Toegegeven, dat is niet de meest benijdenswaardige eigenschap als je door een Latijns-Amerikaans land reist, maar daar valt helaas niets aan te doen.

Oef, we kunnen op de achterbank ploffen die voorlopig volledig onbezet is en we dus beide over een te manipuleren geblindeerd raampje kunnen beschikken.
Helaas rijdt het busje - nu ja, de chauffeur dus - nadien nog verschillende keren door dezelfde straten (de arme man vindt de plaatsen waar hij nog reizigers moet oppikken duidelijk niet echt vlot) en uiteindelijk moeten we de achterbank delen met Peter, de Britse architect, die gelukkig nog wel aangenaam gezelschap blijkt te zijn. Bart is zijn raampje kwijt en komt in het midden te zitten. Ik behoud de controle over mijn raampje :-)

´Isla Verde´ is de naam van de eco-lodge aan het meer van Atitlan die het eco-label (overdreven) hoog in het vaandel draagt. ´Warm´ water en electriciteit op zonne-energie, uiterst zorgvuldig uitgekozen bouwmaterialen, geen verkoop van plastic flesjes water of frisdrank en een sfeer van ...tja, eco dus wat de klok slaat. Dat allemaal tot daaraantoe.
Hoogst lachwekkend wordt het wel wanneer een gaste, een vrouw uit Alaska, de code vraagt van het draadloze internet en deze voorgeschoteld krijgt op een onooglijk klein papiertje waar haast een vergrootglas aan te pas moet komen om de bewuste code te kunnen lezen.
Hoe ´eco-chic´kan je zijn?

Uiteindelijk verblijven we een avond, een volledige dag en een korte voormiddag in Isla Verde en verzetten we geen voet hierbuiten. Niet meteen wat we in gedachten hadden.
Het meer van Atitlan is omgeven door allerlei kleine dorpjes die je met een bootje kan bezoeken of waarbij je van het ene dorpje naar het andere kan wandelen.
In het vademecum van Joker lezen we over dit soort halve dag-wandelingen en meer bepaald over de wandeling van Santa Cruz naar San Marcos: ´Dit is een zeer mooie wandeling!!!´, waarbij de 3 uitroeptekens ontegensprekelijk op een hoge graad van schoonheid moeten wijzen.

Veel aanmoediging hebben mensen als wij niet nodig om deze wandeling te ondernemen vanuit de lodge.
Maar... in de uitgeprinte mail met reistips van Inge, een vriendin die een half jaar in Guatemala heeft gewoond, lezen we: ´Als je wil wandelen tussen de dorpen, doe dit in een grotere groep, ook hier schuilt gevaar voor overvallen...´
Als om deze raadgeving kracht bij te zetten horen we op onze eerste avond in de lodge het verhaal van een Zweeds koppel. Ze komen de - overigens zeer gezellige - zithoek-inkom binnen waar Bart en ik net 2 andere gasten leren kennen en de vrouw van dit Zweedse koppel lijkt behoorlijk te trillen door wat ze net hebben meegemaakt. Ze waren gaan wandelen van Santa Cruz naar San Marcos en waren onderweg tegengehouden door 4 mannen met machetes. Ze werden bedreigd en hun fototoestel werd afgenomen. Slik.

1/ In Ecuador werd mijn toenmalig fototoestel - zeer kundig, dat mag gezegd - ontvreemd tijdens een tramrit.
2/ In Peru liet ik mijn volgend toenmalig fototoetsel liggen op het vliegtuig na een binnenvlucht.
3/ In peru werden we door 3 mannen met geweld overvallen op klaarlichte dag.
4/ Ik wil deze keer mijn fototoestel heel graag behouden.
5/ Ik wil absoluut het verdomd machteloze gevoel van een gewelddadige overval niet nog een keer meemaken.

Conclusie: het werd een zeer rustig en ontspannen verblijf in de eco-lodge. We hadden het geluk zeer fijne en onderhoudende gesprekken te kunnen voeren met de Britse Peter en zijn Duitse vrouw, Evelyn en met twee 58-jarige vrouwen, 1 uit Alaska- Wendy, en 1 uit Canada - Sharon.
De omgeving leende zich gelukkig ook wondermooi om zalig een hap uit ´Lelieblank, scharlaken rood´ te lezen met de kat des lodges op schoot, om gratis yogales te krijgen van Sharon en heerlijk vegetarisch te eten. Er werd ons door Peter en Evelyn het vakantiehuis in Noord-Engeland aangeboden in het geval we zin hebben om een keer naar daar te trekken en ook een ´more than welcome to stay´ in het blijkbaar luxueuze huis van Sharon in Vancouver, Canada.

Maar godverdomme toch dat die enkele Guatamalteekse overvallers mijn vrijheid van wandelen zomaar afnemen!!! (laat de 3 uitroeptekens deze keer vooral staan voor mijn graad van frustratie)

Antigua en het gitzwarte glas

Mijn verwachtingen van Antigua waren behoorlijk hoog gespannen. Met de foto van de Santa Catalina boog die op elke reisgids prijkt en omschrijvingen als ´superbly situated in a sweeping highland valley, suspended between the cones of Agua, Acatenango and Fuego volcanoes, is one of the Americans´ most enchanting colonial cities: ANTIGUA´ kan dit moeilijk anders.
Mijn eerste indruk was er dan ook eentje van lichte ontgoocheling. Antigua is veel minder groot en groots dan ik me had voorgesteld. De wijde omgeving was niet duidelijk zichtbaar door de laaghangende wolken en misschien speelde ook de vergelijking met het Peruaanse Cusco en Arequipa mee, maar eigenlijk zijn zo´n vergelijkingen een beetje uit den boze.
Met elk uur dat voorbijging en elke volgende stap die ik zette kon ik dit koloniale stadje meer en meer apprecieren. Met zijn ´cobbled stone´straten, lage, bontgekleurde huizen en kleine maar levendige Plaza de Armas gaf het zijn charme beetje bij beetje prijs.
Ik kan me best voorstellen dat de vele studenten die hier enkele weken of maanden Spaans komen leren in 1 van de talrijke ´Spanish Schools´ bij thuiskomst vol heimwee aan hun Antigua terugdenken zoals ik dat heb met het Peruaanse provinciestadje Andahuaylas (waar niet eens zoveel cultuur op te snuiven viel als in Antigua).

Eerste indrukken zijn er om bij te stellen. Af en toe toch.

Tuctuc´s, de 3-wielige mototaxi´s rijden ook hier af en aan. Een vertrouwd beeld.
Maar wat bezielt de meeste auto-eigenaars die hun autoruiten met pekzwarte folie toekleven? Schijnt de zon hier zo onverbiddelijk vaak en hard dat de gitzwarte folie onontbeerlijk is?
Me dunkt van niet...
En toch rijden deze volledig geblindeerde auto´s als agressief ogende vehikels door de straten van Antigua.

Erger wordt het als je zelf in een geblindeerd mini-busje moet plaatsnemen om je naar de Pacaya vulkaan te laten voeren. Meteen lijkt het alsof je geheel overbodig een veel te donkere zonnebril draagt die je onmogelijk kan afzetten.
Daar gaat de helderheid van het landschap waar je verwachtingsvol doorrijdt. Ik koester de innige hoop dat dit niet in heel Guatemala het geval zal zijn.
Wanneer je het mini-busje uitstapt word je prompt verblind door het felle zonlicht en voel je meteen de gelijkenis met de personages uit ´De Grot´van Plato op het moment dat ze de grot eindelijk mogen verlaten.
De majestueuze aanblik van de Pacaja vulkaan maakt de donkere rit gelukkig meer dan goed.

De overmoedige daad om tijdens de terugrit met open raampje te rijden is er wellicht oorzaak van dat ik nu geplaagd word door keelpijn, onbedaarlijke niesbuien en een loopneus.
Ach, de grotbewoners van Plato viel uiteindelijk een dramatischer lot te beurt.

IK WIL ER OOK 1!

¨Vele toeristen raken helemaal dolgedraaid als ze geen electriciteit hebben om hun iPhone, laptop of fototoestel op te laden¨, zegt Peter, een Britse architect die op de 3e dag ons pad kruist. ¨Huhum¨, denk ik en besef meteen een beetje beschaamd dat ik tot dezelfde categorie toeristen behoor. De iPhone bleef wel mooi thuis, maar de batterij van het fototoestel moet nu eenmaal geregeld gevoed worden en, verdorie, ik zou maar al te graag een mini-laptop in mijn bezit hebben, realiseer ik me al gauw tijdens deze reis. Op de luchthaven in Zaventem, Londen en Dallas keek ik vol afgunst naar de trotse bezitters van dit kleinood die er ook naarstig gebruik van maakten.
In Antigua en zelfs in de eco-lodge aan Lago de Atitlan hetzelfde scenario. Als een verwend kind denk ik nu de hele tijd: ´Ik wil er ook een. Graag.´ Een mini-laptop. Een Notebook. Hoe heten die dingen tegenwoordig?
Niet om constant te internetten en mails te lezen, maar gewoon om dit te kunnen schrijven. In alle rust. Op het moment waarop ik daar zelf zin in heb.

Maar goed, ik zal mij maar tevreden stellen met mijn groene atoma-schriftje en nadien alles flink overtypen in een internetcafe.

You can´t always get want you want.
Alleszins toch nog niet tijdens deze reis...

dinsdag 13 juli 2010

Aangekomen in Antigua, de bagage helaas niet

Blijkbaar slagen we er elke keer in als we op reis gaan om aan te komen in volledige duisternis en moeten we tot de volgende dag wachten om te kijken wat we van de omgeving kunnen verwachten. Dat is nu dus niet anders: verlichte reclameborden en autolichten in de regen moeten onze eerste indruk bepalen.

Het autoverkeer van Guatemala City naar Antigua is nog vrij druk, maar eens we in Antigua zijn aangekomen is er geen mens te zien op straat en de auto s zijn op 1 hand te tellen. De chauffeur van het minibusje zegt dat dit door de regen komt. Op meer conversatie hoef je niet te rekenen met hem. De man van de Posada San Pedro is niet bepaald spraakzamer. Hij vraagt of ik Asella ben en geeft de sleutel van de kamer. That s it. Ach, we zijn toch moe en dan wordt Spaans spreken net iets meer een opgave, dus zo erg is dat niet.

Het is nu 7u45, het is licht, dus hoogtijd om Antigua te verkennen.

En nu maar hopen dat onze bagage die de reis duidelijk niet samen met ons gemaakt heeft vandaag "op eigen houtje" onze posada bereikt zoals ze ons beloofd hebben.

dinsdag 6 juli 2010

Naar het land van de Quetzal en de eeuwige lente

Het is alweer even geleden dat ik mij in Blogspot-land bevond, maar na "5maandenperu.blogspot.com" en "4wekenperu.blogspot.com" kon het vervolg niet uitblijven. Blijkbaar is er heel wat gewijzigd, zijn er nieuwe mogelijkheden toegevoegd op Blogspotgebied, maar laat ik het vooral bij het oude vertrouwde ontwerpje van weleer houden.
De spanning om een rustig internetcafé te vinden met pc's met snel internet en toetsenborden waarvan de tekens niet half vergaan zijn zal weer snel tot mijn dagelijkse realiteit gaan behoren...

Praktisch: maandag 12 juli vertrekken we via Londen en Dallas naar Guatemala City om ongeveer 4 weken later via hetzelfde traject (maar dan omgekeerd uiteraard) terug naar Zaventem te vliegen.
Voorbereiding van de reis is er zo goed als niet, enkel voor de 2 eerste nachten heb ik gereserveerd in een hotelletje in Antigua (dat verdorie meteen erg duur was: 45 dollar voor een 2-persoonskamer, niet meteen de prijzen die je verwacht in een Latijns-Amerikaans land). "The Rough Guide to Guatemala"-reisgids is voorhanden alsook het 'vademecum' van de Joker-reis en er zijn wel wat vlieg-en wachturen door te komen, dus die last-minute voorbereiding komt wel goed.